Pijn herkennen
Waarom is dit belangrijk?
- Welzijn eerst: met pijn kan een hond niet ontspannen, leren of spelen.
- Veiligheid: pijn vergroot de kans op uitvallen of grommen bij aanraken.
- Eerlijk trainen: pas als pijn is uitgesloten, kun je gedrag eerlijk beoordelen.
- Sneller herstel: hoe eerder je het ziet, hoe makkelijker behandelen.
Mogelijke signalen kunnen zijn:
Houding & beweging
-
Stram opstaan, moeite met traplopen of springen.
-
Bolle rug, rug of buik aantrekken; poot ontzien.
-
Niet makkelijk willen gaan zitten, liggen of ontlasten.
Gevoel bij aanraken
-
Wegdraaien, weglopen of reageren bij borstelen, aaien of optillen.
-
Op de zere plek gaan liggen zodat je er niet bij kunt.
Gezicht & adem
-
Hijgen zonder warmte of inspanning.
-
Smakken/likken (“tongelen”), “walvisoog” (wit van het oog zichtbaar), gespannen mondhoeken.
Gedrag & stemming
-
Minder willen wandelen/spelen; sneller prikkelbaar of juist teruggetrokken.
-
Onrustig slapen, vaker zuchten of trillen.
Vacht & zelfzorg
-
Doffe plekken, overmatig likken/krabben op één plek.
Eten, plassen, poepen
-
Minder eetlust of juist schrokken; ander plas- of poepgedrag.
Eén signaal bewijst nog geen pijn. Kijk altijd naar het totaalbeeld en de context.
Wat kan JIJ doen?
- Let op kleine veranderingen in houding, gedrag en energie.
- Combineer signalen: één signaal zegt niet genoeg, kijk naar het totaalbeeld.
- Noteer wanneer en hoe vaak je signalen ziet (dagboekje of foto/filmpje).
- Raadpleeg altijd een dierenarts bij twijfel.
- Sluit medische oorzaken eerst uit voordat je verder traint.
- Vraag zo nodig hulp van een gekwalificeerde gedragstherapeut of fysiotherapeut/osteopaat/hondenmasseur.